NYC movies
New York, Manhattan en film is een fascinerende cocktail, vooral in de handen van Woody Allen. Voor mij blijft hij de nummer 1 als het erop aan komt om de ziel van Manhattan tot leven te wekken, al is dat in tegenstelling tot Martin Scorsese vooral uptown Manhattan. Allen Stewart Konigsberg werd geboren in Brooklyn en heeft een imposant oeuvre uitgebouwd rond zijn favoriete thema’s zoals relatieproblemen, seks, jood zijn, filosofie en New York, allemaal gelardeerd met heerlijke jazz- en andere standards. Als late tiener raakte ik in de ban van ‘Annie Hall’. Woody Allen speelt er een Joodse neuroot, Diana Keaton in baggy pants en das is la-di-da zijn even geschifte tegenspeelster en Manhattan is het decor van deze moeizame relatie. Oneliners als “A relationship is like a shark. It has to be constantly moving or else it dies” of “Mastubation is sex with someone I love.” hebben ongetwijfeld bijgedragen tot één van de 4 Oscars.
16 jaar later herneemt hij heel wat materiaal uit Annie Hall in ‘Manhattan Murder Mystery‘, een komedie over twee typische Upper East Side intellectuelen die denken dat hun buurman zijn vrouw heeft vermoord. Een grappige film vol postmoderne referenties naar ander films, zijn eigen werk én zijn eigen leven (was toen net in mediastorm geraakt toen Mia Farrow hem ervan beschuldigde hun geadopteerde kids te hebben misbruikt). Deze film opent (in kleur) met helicopteropnames van de omgeving van Madison Square Garden en bevat heel wat beelden van de Upper West Side, diverse parken (het fragment hieronder opent op de tonen van de schitterende drum & bas solo Big Noise from Winnetka om te eindigen met een mooie scène aan de fontein in Bryant Park) en binnenopnames in oa The Chelsea Hotel, Elaine’s & The 21 Club.
In die andere topper van Woody Allen, ‘Manhattan’, is de stad zo prominent aanwezig dat de stad een personage op zich wordt. Het verhaal over gebroken relaties bevat de vaste Allen-ingrediënten en is gedraaid in zwart-wit. Met oa mooie shots van de Queensboro wandelbrug en Zabar’s, de smakelijkste store van NYC, maar de max is de openingsscène, nog steeds een onnavolgbare liefdesverklaring aan Manhattan op muziek van Gerschwin.
Toont Woody Allen in ‘Manhattan’ de stad van de jaren 70, in ‘Basquiat’ krijg je de underground scène van de tachtiger jaren in beeld. ‘Art from the gutter’, zo werd de kunst van Jean-Michel Basquiat ook wel eens genoemd. Je krijgt in de film niet alleen de hele entourage rond Andy Warhol (uitstekende vertolkt door David Bowie die voor de gelegenheid de pruiken van de echte Warhol mocht opzetten) te zien, ook SoHo (South of Houston Street), waar de kunstenaars de oude industriële panden omtoverden tot ruime ateliers, komt uitvoerig in beeld. Een geladen film met een ijzersterke soundtrack die zowel jazz van Miles Davis en Charlie Parker bevat als eighties muziek van The Stones, Iggy Pop en Tom Waits.
Ook op mijn lijstje met NY-favorieten en alweer met David Bowie: ‘The Hunger‘. Catherine Deneuve is een bisuexuele vampier, veroordeeld tot het eeuwige leven. In het New York van de 20e eeuw leeft ze samen met David Bowie die echter snel aftakelt. Ze lokt Susan Sarandon in haar netten om haar lange leven met haar verder te zetten. Tenminste, dat hoopt ze… Vanaf de sterke openingsscène in een undergroundclub waar ze samen met haar partner op zoek gaat vers bloed, grijpt dit koele maar fascinerende spektakel je naar de keel. Een heel gestyleerde vampierenfilm die ook in zijn muziekkeuze door de tijd heen waart, van opera (het wondermooie bloemenduet uit Lakmé, de vergeten opera van Delibes) tot Gothic (Beauhaus met ‘Bella Lugosi’s Dead’). Door sommige gekraakt, voor anderen een gekoesterde cultfilm.
In het lichtere genre is ‘Hitch’ wellicht de beste beeldintroductie tot de stad. Will Smith denkt terug aan zijn tijd op Columbia University, ontmoet zijn belangrijkste klant op de trappen van het Metropolitan Museum of Art, neemt je als ‘Doctor of Dates’ mee op een jetski naar Ellis Island of probeert in het City Hall Park van de voedselvergiftiging af te geraken die hij opliep in de Fulton Fish Market, aan de voet van Brooklyn Brigde. Eva Mendes rekent op een symbolische manier af met een man onder de bull on Wall Street en gaat naar Madison Square Garden voor een game van The Knicks. En passant krijg je nog een blik op de jachthaven, de zoo in Central park en uiteraard helicopterbeelden by night. Daar kan ‘When Harry met Sally’ niet tegenop. De babbelzieke komedie over de (on)mogelijkheid van vriendschap tussen mannetje en vrouwtje ademt een New York state of mind uit, al krijg je de stad (op Washington Square in Greenwich Village na) amper te zien. De spitse dialogen en de heerlijke standards uit the great American songbook (Harry Conick Jr. met big band) maken veel goed. Dames die in New York naar Katz’ Delicatessen, een diner in East Village, gaan, moeten wel opletten wat ze bestellen.
Bij wijze van uitsmijter ‘Blue in the Face’, het vervolg op ‘Smoke’ van Wayne Wang over de tabakswinkel van Harvey Keitel in Brooklyn. Van de stad krijg je niet veel te zien, maar ter compensatie wordt er heel wat afgekletst over relaties, baseball, Belgian Waffles, New York, en uiteraard roken. Lou Reed komt nog eens haarfijn uitleggen waarom hij al 35 probeert de stad te verlaten, zonder succes. Jim Jarmusch die sedert zijn 17e in de stad woont, rookt zijn laatste sigaret…
Het wordt een dagtaak om al die filmlocaties te bezoeken. Meer info op de pagina Movies.